Parkinson dementie
Tussen de 35% en 55% van de mensen met Parkinson krijgt dementie. Deze vorm van dementie ontstaat in hetzelfde hersengebied dat door Parkinson is aangetast. Het begint meestal 10 tot 15 jaar na het begin van de ziekte. Mannen hebben meer kans op Parkinson-dementie dan vrouwen.
Wat is het verschil tussen dementie en Parkinson-dementie?
De dementie bij Parkinson is anders dan de dementie bij Alzheimer. Bij Alzheimer gaat het vooral om het vergeten van gebeurtenissen of het niet herkennen van mensen. Deze symptomen komen pas later in de ziekte van Parkinson voor.
Als u naast Parkinson ook dementie ontwikkelt, kunt u merken dat:
- U trager gaat denken en spreken;
- U moeite hebt met plannen, concentreren, probleemoplossing, of multitasken;
- U problemen hebt met het afremmen of starten van bewegingen;
- U minder goed kunt improviseren of reageren op onverwachte situaties;
- U geheugenproblemen hebt, vooral bij het ophalen van herinneringen. Het herkennen en opslaan van informatie gaat meestal nog goed;
- U minder goed in staat bent om abstract te denken, bijvoorbeeld over zaken die je niet kunt zien of voelen, zoals ‘cultuur’, ‘familie’ of ‘oneindig’.
Meer lezen en tips?
Wilt u meer weten over dementie en tips over hoe u ermee om kunt gaan? Kijk dan op de volgende websites:
Heeft u nog vragen?
Als u na het lezen van deze folder nog vragen hebt, neem dan gerust contact op met de polikliniek geriatrie. Wij zijn bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 08:00 uur tot 16:30 uur via telefoonnummer 0413 - 40 19 84.